De historie van Bang & Olufsen: Een geschiedenis van design en geluid

Jan 05, 2026
De historie van Bang & Olufsen: Een geschiedenis van design en geluid

In een wereld die wordt gedomineerd door massaproductie, plastic en 'snelle' elektronica die na twee jaar verouderd is, voelt een product van Bang & Olufsen bijna rebels aan. Als je een B&O-luidspreker aanraakt, voel je het koele, perfect geborstelde aluminium. Wanneer je een Beogram-platenspeler ziet, kijk je niet naar een apparaat, maar naar een sculptuur.

De vraag is dan ook niet of B&O premium is, maar waarom. Wat rechtvaardigt de positie die dit merk al bijna een eeuw inneemt?

Het antwoord is geen marketingcampagne. Het is een erfenis van compromisloos design, baanbrekende innovatie en een diepgewortelde Deense filosofie. Om het heden te begrijpen, moeten we terug naar het begin. Terug naar een bescheiden zolderkamer in Struer, Denemarken.

Het begin: twee Deense ingenieurs op een zolderkamer

Het jaar is 1925. De wereld bruist van de nieuwe technologie, met name de radio. Twee jonge Deense ingenieurs, Peter Bang en Svend Olufsen, zijn gegrepen door deze magie. Peter Bang (de 'Bang' in de naam) was de techneut, de man die terugkwam uit de VS vol ideeën over radiotechnologie. Svend Olufsen (de 'Olufsen') was de visionair met zakelijk inzicht, die zijn familielandgoed in Struer aanbood als startlocatie.

Vanuit de zolderkamer van de Olufsen-familieboerderij begonnen ze. Hun eerste commercieel succesvolle product was niet eens een radio, maar de 'Eliminator'. In die tijd werkten radio's op grote, dure en rommelige batterijen. De Eliminator was een geniale adapter waarmee je een radio rechtstreeks op het lichtnet kon aansluiten.

Dit eerste product legde de fundering voor de Bang Olufsen company: het ging niet alleen om het maken van een product, het ging om het creëren van een betere, meer elegante en meer geïntegreerde oplossing voor in huis.

De Deense filosofie: waarom B&O anders is

Al snel raakten Bang en Olufsen gefrustreerd. De audio-apparatuur van die tijd was technisch misschien wel functioneel, maar bestond uit lelijke, logge houten kisten. Ze werden ontworpen door ingenieurs, voor ingenieurs, en moesten het liefst in een hoek worden verstopt.

Hier ontstond de kernfilosofie die B&O tot op de dag van vandaag definieert: technologie moet de mens dienen, en niet andersom. Een product moet de leefruimte verrijken, niet domineren.

Deze Deense designfilosofie rust op vier pijlers:

  1. Eerlijke geluidsweergave: Het geluid moet klinken zoals de artiest het heeft bedoeld. Geen kunstmatig opgepompte bassen of schelle hoge tonen.

  2. Tijdloos design: Vorm en functie zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Een B&O-product moet vandaag relevant zijn, en over dertig jaar nog steeds prachtig zijn.

  3. Intuïtieve bediening: De interactie moet magisch en moeiteloos aanvoelen. Denk aan deuren die open glijden als je hand nadert, of een interface die je begrijpt zonder handleiding.

  4. Ongekend vakmanschap: Het gebruik van eerlijke, duurzame materialen. Geen plastic dat eruitziet als metaal, maar echt aluminium. Geen fineer, maar massief hout.

Dit is geen checklist; het is een DNA. Het is de reden waarom B&O-ontwerpers en -ingenieurs vanaf de allereerste schets samen aan tafel zitten, een proces dat in de rest van de industrie ongebruikelijk is.

De iconen: hoe 'Bang and Olufsen' de wereld veranderde

Door deze unieke filosofie consequent toe te passen, creëerde Bang and Olufsen een reeks producten die de geschiedenis van consumentenelektronica hebben gedefinieerd.

  • De Beolit 39 (1938): Terwijl de rest van de wereld radio's in houten kasten bouwde, liet B&O zich inspireren door de gestroomlijnde grille van een Buick-auto. Ze gebruikten geperst bakeliet om een vorm te creëren die destijds futuristisch was. Een designstatement.

  • De Beogram 4000 (1972): Dit is misschien wel het meest pure B&O-icoon, ontworpen door de legendarische Jacob Jensen. In een tijd dat alle platenspelers een draaiarm hadden, introduceerde B&O 's werelds eerste platenspeler met een elektronisch gestuurde, tangentiële arm. Dit was geen designgrap; de naald bewoog in een perfect rechte lijn, precies zoals de groef in de plaat gesneden is. Het resultaat was een drastische vermindering van 'tracking error' en dus een zuiverder geluid. Functie en vorm in perfecte harmonie.

  • Beovision MX (jaren '80): B&O zag een televisie niet als een scherm, maar als een meubelstuk. De MX-serie introduceerde krachtige actieve luidsprekers in een tv (een B&O-handelsmerk), een contrastscherm dat reflecties verminderde, en een frame dat zo minimalistisch was dat het beeld leek te zweven.

  • De Beosound 9000 (jaren '90): De iconische 6-CD wisselaar. Terwijl andere merken hun CD-wisselaars verborgen in logge 'carrousels', zette B&O de CD's tentoon achter een glazen plaat. De magie zat in de klem die met lichtsnelheid en fluisterstil van de ene naar de andere CD bewoog. Het was kinetische kunst. Het maakte het luisteren naar muziek weer een visuele en fysieke ervaring.

Een obsessie met aluminium en vakmanschap

Een van de meest herkenbare kenmerken van B&O is het meesterlijke gebruik van aluminium. Dit is geen esthetische gril; het is een fundamentele keuze op basis van prestaties.

In 'Factory 5', hun eigen fabriek in Struer, heeft B&O het anodiseren, polijsten en bewerken van aluminium tot een absolute kunstvorm verheven.

Waarom aluminium?

  • Akoestisch: Het is extreem stijf en rigide. Waar plastic of dun metaal meetrilt met de luidspreker (en het geluid 'verkleurt'), blijft aluminium stil. Dit betekent dat je alleen de luidspreker hoort, wat resulteert in een veel zuiverder en eerlijker geluid.

  • Duurzaam: Het is licht, ongelooflijk sterk en krast niet snel. Het voelt substantieel en koel aan. Het is een materiaal dat de tand des tijds doorstaat, in tegenstelling tot het plastic dat na een paar jaar broos wordt of verkleurt.

  • Esthetisch: Het kan op manieren worden afgewerkt die met andere materialen onmogelijk zijn, van een hoogglans gepolijste spiegel tot een mat geborstelde textuur.

Dit vakmanschap is de reden waarom B&O-producten geen 'gadgets' zijn. Het zijn duurzame investeringen.

De erfenis vandaag: 'bang en olufsen' in 2025

Bijna 100 jaar na die eerste experimenten op een zolderkamer, is de filosofie van Peter Bang en Svend Olufsen relevanter dan ooit. Bij Brussee.eu zien we die erfenis elke dag terug in de moderne line-up.

Je ziet het in de Beoplay EX oordopjes, die niet van goedkoop plastic zijn, maar een precisie-pasvorm hebben met een touchpad van krasbestendig glas en een behuizing van geanodiseerd aluminium.

Je hoort het in de Beolab-luidsprekers. Dit zijn geen passieve kasten. Ze zitten vol met technologie die voortkomt uit de B&O-filosofie, zoals Active Room Compensation, waarbij de luidspreker via een microfoon de akoestiek van jouw kamer meet en het geluid daar perfect op afstemt. Of de Acoustic Lens Technology, die hoge frequenties in 180 graden verspreidt, waardoor je overal in de kamer de perfecte 'sweet spot' ervaart.

Wanneer je kiest voor Bang & Olufsen, koop je geen massaproduct. Je investeert in een eeuw aan innovatie, in duurzame materialen en in een geluidservaring die zo eerlijk en natuurgetrouw is als maar kan.

Dat is de erfenis van Bang & Olufsen. Een visie op geluid en design die je niet vangt in specificaties, maar die je moet ervaren. Bij Brussee brengen we deze erfenis tot leven, in installaties waar techniek, ruimte en beleving samenkomen, vanuit onze locaties in Nederland.



More articles